Bij rellen in de westelijke provincie Xinjiang zijn minstens 156 doden en 800 gewonden gevallen.
Beluister hier de achtergrond voor De Ochtend op Radio 1
De opstand is gisteren ontstaan in Urumqi, de provinciehoofdstad van Xinjiang. Volgens ooggetuigen ging het om ongeveer 3000 Oeigoeren die na de zondagsmarkt vreedzaam op straat kwamen. Ze vroegen de Chinese overheid om een einde te maken aan etnische discriminatie tegen de Oeigoeren.
Tijdens de betoging is het tot rellen gekomen met ingeweken Han-Chinezen en de oproerpolitie. Op beelden van de Chinese staatstelevisie is te zien hoe Oeigoeren voertuigen in brand steken en winkels van Han-Chinezen plunderen.
Aanleiding voor de opstand is de dood van twee Oeigoerse migranten in het zuiden van China, in Guangdong. Han-chinezen hadden zich toen tegen Oeigoerse fabrieksarbeiders gekeerd omdat ze ervan overtuigd waren dat zij verantwoordelijk waren voor de verkrachting van een meisje. Achteraf bleek dat die beschuldiging gebaseerd was op een kwaadwillig gerucht.
Sommige bronnen spreken van de zwaarste geweld in China sinds het studentenprotest van 1989. De laatste opstand van de Oeigoeren dateert van 1997, ook daar zouden toen heel wat doden gevallen zijn.
Bekijk hier het verslag voor het Journaal
Sindsdien houdt de Chinese overheid de Oeigoeren in een bijna ijzeren greep, vooral omdat het volgens Peking een broeihaard van moslimterrorisme is. In de aanloop naar de Olympische spelen vorig jaar waren er verschillende dodelijke aanslagen in de provincie. Daarop heeft de Chinese overheid de controle over de Oeigoeren nog versterkt.
Wingewest
Xinjiang is altijd al een onderwerp van discussie geweest. Het is een enorm belangrijk wingewest omdat er veel olie en gas in de grond zit. Dankzij Xinjiang kan China een deel van de economische opgang spijzen.
Het gebied is eventjes onafhankelijk geweest in de jaren 30 en 40, maar dan ingelijfd door het Volksbevrijdingsleger van Mao, dit jaar precies 60 jaar geleden.
Discriminatie
Een deel van de Oeigoeren eist al jaren meer respect voor hun cultuur en godsdienst en wil meer betrokken worden in de economische opgang van de regio. Ze menen dat ze te weinig kunnen meeprofiteren van de rijkdom die de Han-Chinezen in hun regio komen vergaren en voelen zich gediscrimineerd.
Sommigen Oeigoeren gaan verder en eisen meer autonomie van Peking. De radicale Islamitische Beweging van Oost-Turkestan streeft zelfs naar een aparte republiek Oost-Turkestan. De groepering staat op de internationale lijst van terreurorganisaties en is verantwoordelijk voor verschillende aanslagen in het verleden.
Mensenrechtenorganisaties bevestigen dat de rechten van de Oeigoeren in China op massale schaal met de voeten getreden worden.
Buitenlandse aanstokers
Een eerste onderzoek van de Chinese regering naar de aanstichters van het geweld zou naar het buitenland wijzen. Zoals het de dalai lama was die volgens Peking verantwoordelijk was voor de rellen in Tibet, wordt nu Rebiyah Kadeer met de vinger gewezen.
Kadeer is een Oeigoerse activiste die lange tijd in de Chinese gevangenis zat. In 2006 is ze vrijgelaten en gevlucht naar Amerika, vanwaar ze verder ijvert voor meer rechten voor haar volk. Haar beide zonen zitten nog opgesloten in een Chinese gevangenis.
Wat nu
Verwacht wordt dat de Chinese regering zoals in Tibet repressief zal optreden door haar greep te versterken en extra troepen te sturen naar het gebied. Betogers of ‘relschoppers’ zoals ze in de staatsmedia genoemd worden zullen zwaar worden aangepakt.
De vraag is of de Chinese regering deze zware rellen zal aangrijpen om de fundamentele onvrede bij de Oeigoeren weg te werken. Naar analogie met wat we in Tibet gezien hebben, lijkt de kans klein. De kloof tussen Oeigoeren en Han-Chinezen dreigt alleen maar groter te worden.
Popularity: 39% [?]











